Week22

week22: 8 december t/m 14 december 2003 geschreven door: René
 Van koala tot kerstman…
Maandag 8 december. We zitten nog steeds op Kangaroo Island. Om precies te zijn op een camping vlak bij het Flinders Chase National Park. Gistermiddag en avond zijn we overspoeld met rondlopende koala’s, walliby’s, possoms en andere grappige beesten. Vandaag gaan we het park in, maar eerst even de tentjes afbreken en de auto inpakken. Daarna een paar kilometer rijden naar het Visitor Centre van het National Park. De Australiërs zijn erg goed in het opzetten van Visitor Centres. Ook hier weer alle informatie die je maar kunt bedenken, een leuk winkeltje, een klein museumgedeelte en gelukkig een koffiegelegenheid. Om het terras is een afrastering gebouwd om te voorkomen dat de bezoekers worden lastiggevallen door bedelende kangaroos en walliby’s. Na een heerlijk kopje cappuccino beginnen we aan een uitgestippelde wandeling van 4,5 kilometer door het National Park. Het eerste deel is prachtig, een heel bijzondere omgeving, veel kangaroo keutels die aangeven dat er hier erg veel kangaroos moeten zitten. Maar overdag liggen ze graag onder een boom in de schaduw. We hebben er wel een paar gezien maar pas tegen het invallen van de avond zijn het er waarschijnlijk honderden. Het middelste deel van de wandeling valt wat tegen maar dat kan ook komen omdat we ondertussen een beetje verwend zijn. We raken wat minder snel onder de indruk. Toch een leuke ochtend gehad.

Na de wandeling stappen we weer in de auto. Vijftien kilometer verderop liggen twee attracties, Admirals Arch en Remarkable Rocks. Allereerst rijden we naar Admirals Arch, we hadden al gehoord dat het iets met zeeleeuwen zou zijn. De verrassing was compleet. Helemaal op de punt van het eiland lag een prachtig stuk rotskust waar de helderblauwe golven op neer sloegen. Een eindje in zee lagen nog twee eilandjes die het uitzicht nog mooier maakten. Er was een mooie boardwalk (steiger) gebouwd van een paar honderd meter lang die helemaal van boven naar beneden langs de rotsen liep. Toen we wat dichter bij het water kwamen zagen we de zeeleeuwen. Honderden zeeleeuwen lagen op de rotsen, zwommen in de zee of lieten zich lekker met de golven aanspoelen op een rots. Het was prachtig om te zien, vooral de spelende zeeleeuwen waren erg leuk. Je kon ook echt zien dat ze plezier maakten en ruzie. De boardwalk liep nog verder door, maakte een bocht en uiteindelijk kwamen we aan bij het eindpunt wat een doorkijkje gaf door een opening onder de rotsen. Een soort tunnel waar het water van de andere kant instroomde en ook weer zeeleeuwen lagen te zonnen op de rotsen. We hadden al veel mooie plekken gezien maar dit was absoluut een hoogtepunt. Vooral de combinatie tussen de prachtige rotskust en de spelende zeeleeuwen was erg gaaf. Ook hier weer veel respect voor de manier waarop deze plek voor publiek toegankelijk was gemaakt, maar tegelijkertijd werd voorkomen dat de dieren in hun doen en laten werden gestoord. Na de nodige foto´s en veel minuten video toch maar weer verder gegaan. Maar Admirals Arch moet je zien als je op Kangaroo Island bent, een absolute must.

Nog geen kilometer van Admirals Arch lagen de Remarkable Rocks. Ook weer op een hoge punt, direct aan zee, lag een wonderlijke verzameling rotsen. Het is eigenlijk niet goed te beschrijven hoe ze eruit zien, de meest vreemde vormen op een bijzondere manier gerangschikt. Op meerdere plaatsen in Australië liggen vreemde rotsen die laten zien hoe de natuur en de tijd samen voor bijzondere vormen kunnen zorgen. Je loopt er om heen en je vraagt je af hoe zo iets kan ontstaan. Ook hier weer de nodige Megabytes aan foto´s geschoten.

Het was ondertussen al wat later op de middag en we gingen onze kampeerplek voor de laatste nacht op Kangaroo Island opzoeken. Een klein plaatsje (10 huizen en een café) met de naam Stokes Bay aan de Noordkant van het eiland. De camping was niet veel meer dan een grasveldje met een klein, niet al te schoon, toiletblokje. Er stond nog een campervan (stoere vouwwagen) en een klein tentje van twee fietsende dames. De tentjes maar weer opgebouwd, was wel even zweten want het was een heerlijke zonnige dag. Ik had al gelezen dat er in Stokes Bay een bijzonder strand zou moeten zijn. Na het opbouwen van ons kampje gingen we dat maar eens opzoeken. Het was ongeveer half zes dus nog precies genoeg tijd om even lekker aan het strand zijn. Bij de baai aangekomen zagen we alleen maar stenen, maar gelukkig stond er bij een rotswand een bordje waarop de richting van de beach werd aangegeven. Dwars door een paar spleten in de rotswand, over een heel smal paadje en vervolgens door een soort tunneltje in de rotsen, kwamen we uit bij een prachtig hagelwit zandstrand. Helemaal verscholen, voor wie niet goed keek, lag deze prachtige plek. Samen met de kids een heerlijke duik genomen en daarna lekker lui op een handdoekje. De meisjes bouwden hun zoveelste zandkasteel, ze worden steeds groter en mooier. Dit geldt zowel voor de zandkastelen als de meisjes.

Pas tegen een uur of zeven terug naar de camping om een potje te koken. Op een éénpits gasstelletje wist Thea toch een lekkere maaltijd in elkaar te knutselen. Tijdens het eten en de rest van de avond kregen we regelmatig bezoek van een walliby. Ook op deze camping zaten weer koala´s in de bomen.

Dinsdag 9 december. Niet al te vroeg wakker geworden, het is tenslotte vakantie. Ontbijten in de schaduw want het was al warm. Vervolgens tentjes afbreken en auto inpakken. Vanochtend ging het café al vroeg open, gisteravond zat het al vroeg dicht. Dus lekker even een ochtendijsje en een cappuccino naar binnen werken. Vandaag hebben we geen grote dingen op het programma staan behalve dan het halen van de ferry naar het vasteland ´s avonds om half acht. Via een goed stuk dirt road kwamen we uit bij Emu Bay. Weer een klein dorp aan een mooie baai. Je kon met de auto het strand op en omdat er verder toch bijna niemand was deden we dat ook maar. Een paar honderd meter langs het strand rijden, stoppen en strandmatjes uitrollen. Het was behoorlijk warm omdat er nauwelijks wind stond. Weer lekker gezwommen met z´n allen en wat andere strandactiviteiten gedaan.

Na het ochtendje strand nog wat inkopen gedaan in een groter plaatsje en daarna was er nog tijd over om even bij een schapenfarm langs te gaan. Ze gaven korte rondleidingen en lieten zien hoe ze schapen houden alleen maar voor de melk. We mochten ook een aantal specifieke schapenmelk producten proeven. Na de rondleiding maar weer in de auto om naar Penneshaw te rijden, vanuit Penneshaw vertrekt de ferry. Er was nog tijd over om even de dorst te lessen in de plaatselijke kroeg en we hebben onze honger gestild in de pizzeria. We kwamen nog wat Nederlanders tegen die ons wisten te vertellen dat er ondertussen in Nederland een prinsesje was geboren. Je begrijpt, onze dag kon niet meer stuk.

De ferry overtocht ging wat rustiger dan op de heenweg, er stonden veel minder golven. Na drie kwartier varen kwamen we aan op het vasteland. Nu nog 110 kilometer rijden naar de camping in Adelaide waar we de caravan hadden achtergelaten. Tegen tien uur ´s avonds waren we terug bij de caravan op onze bijna vijf sterren camping. We hadden ondertussen besloten dat we nog twee dagen op deze zeer comfortabele camping zouden doorbrengen. Kangaroo Island was supergaaf!!

Woensdag 10 december. Vandaag een opruimdag in Adelaide. De auto zat nog vol met campingspullen en andere troep van onze minivakantie op Kangaroo Island. We zijn zo ongeveer de hele ochtend bezig geweest met het opruimen, schoonmaken en weer opbergen van de gebruikte spullen. Gelijk ook de auto maar even gewassen. De kinderen hebben weer hard gewerkt aan het schooltaken en Thea heeft weer een vracht aan boodschappen gedaan. Aan het eind van de middag ben ik nog even naar het strand gewandeld, het waaide de hele dag al stevig. Vlak bij de camping was een zeilschool en ik heb vol bewondering zitten kijken hoe ze met heel kleine zeilbootjes en catamarans toch de zee op gingen. Het waaide minimaal een windkracht 7 en er stonden flink hoge golven. Zag er behoorlijk spectaculair uit allemaal.

Donderdag 11 december. Vandaag onze laatste dag in Adelaide. Het is heerlijk weer, de wind is vrijwel verdwenen en de zon schijnt. De hele ochtend lekker gelummeld op de camping. De meisjes hebben weer hun schoolwerk gedaan en even lekker gezwommen in het zwembad. Voor de middag hadden we nog plannen om even Adelaide in te gaan. Thea, Lisa en Mirthe heb ik afgezet bij de Botanic Garden in Adelaide en ik ben lekker een internetcafé ingedoken. Het plan was om de website maar eens even grondig te updaten, maar helaas, ik had een verkeerde kopie op de cd-rom gezet en kon zo niet de laatste foto’s overpompen. De dames hebben nog even gewinkeld en zijn toen vanuit het hart van Adelaide op een oude, deels houten, tram gestapt naar Glenelg, een voorstad van Adelaide pal aan zee en dicht bij de camping. Ik kon ze daar dan weer met de auto oppikken. Zo gezegd zo gedaan, nog lekker gewandeld langs de boulevard van Glenelg met natuurlijk nog een terrasje en bijbehorend drankje. Als afsluiting van een paar heerlijke dagen in Adelaide.

Vrijdag 12 december. Vandaag gaan we weer reizen. Het is de bedoeling om uit te komen bij het plaatsje Policeman Point, zo’n tweehonderd kilometer ten zuiden van Adelaide, er schijnt daar een camping te zijn. Het staat wat vaag omschreven in de campinggids maar we zien wel. Het kostte trouwens nogal wat moeite om uit Adelaide te komen. In Perth hadden we nauwelijks verkeersopstoppingen en files gehad maar in Adelaide hadden ze het minder goed voor elkaar. Bovendien moesten we dwars door de heuvels van Adelaide, die bleken behoorlijk hoog te zijn. Het was nogal klimmen en dalen met het hele spul. Al met al duurde het wel bijna een uur voordat we Adelaide, en de heuvels, achter ons hadden. Het landschap voor ons was weer bijna vlak. We reden langs een kuststrook waar achter de duinen weer een heel langgerekt binnenmeer was ontstaan. Een paradijs voor watervogels dus. Natuurlijk was een groot deel van dit gebied weer tot National Park uitgeroepen, daar hebben ze er honderden van in Australië.

Toen we, na 3 uur rijden, het plaatsje Policeman Point binnen reden en de plaatselijke camping zagen was één blik naar elkaar al voldoende om maar direct te besluiten dat we zouden doorrijden. De camping lag er troosteloos bij, het regende ook een beetje, en er stond verder helemaal niemand. Toch nog even gestopt voor een korte pauze en een ijsje. Ons nieuwe doel was Kingston, een iets groter kustplaatsje, 85 kilometer verderop. De camping daar was redelijk in orde, goed genoeg voor twee nachtjes. Het was vandaag weer een dag met heel veel wind, daardoor voelde het ook wat fris aan. ’s Avonds zelfs nog ons kacheltje aan gehad in de caravan. De verwachtingen voor de komende dagen zijn gelukkig weer goed.

Zaterdag 13 december. We hebben vandaag niet echt iets speciaals gedaan. De gewone dagelijkse doe dingen. Lekker rustig aan, beetje in de zon zitten lezen, krantje, wandelingetje. Het gekke is dat we ook genieten van dit soort dagen, even geen uitstapje naar wat dan ook, maar gewoon lekker rommelen. Morgen gaan we weer een klein stukje verder, naar Mount Gambier. Dus even bij de kust weg (hoera, minder wind) en weer tussen de bomen.

Zondag 14 december. Om acht uur opgestaan, wassen en ontbeten tot kwart voor negen. Daarna iets meer dan een half uurtje nodig om de heleboel reisklaar te maken. De avond voor een reisdag ruimen we meestal al wat rommel op zodat we de volgende ochtend snel klaar zijn. Voor half tien reden we Kingston uit op weg naar Mt Gambier, slechts 160 kilometer verder. Het eerste deel was volkomen vlak, veel dor weiland met erg veel schapen. Pas de laatste 50 kilometer werd het wat heuvelachtig. Mt Gambier ligt aan de voet van een aantal vulkaankraters. De grote trekpleister is dat ze vol water staan. Zo liggen er 3 meertjes naast elkaar. De grootste is de meest merkwaardige. Gedurende de zomermaanden (december t/m april) is het water in deze vulkaan prachtig fel turkoois blauw. In de wintermaanden is het gewoon grijs maar als de temperatuur stijgt wordt de kleur weer echt blauw. Dit meer heet dan ook “Blue Lake”. Naar “Blue Lake” mag je alleen maar kijken, de andere meertjes worden gebruikt voor recreatie. Over en langs de rand van de vulkaan hebben ze een weg aangelegd zodat je om het “Blue Lake” heen kan rijden. Op een aantal plaatsen kan je even stoppen om je te verbazen over de kleur blauw. Je moet het gezien hebben om het te kunnen geloven. Een korte uitleg van een toevallig passerende gids leerde ons dat het meer zo blauw is omdat het volkomen helder, schoon water is. Door het warmer worden zakt het, normaal aanwezige, calciumcarbonaat (of zoiets) naar de bodem en het water kleurt fel blauw. Het is het waterreservoir waar Mount Gambier al haar water uithaalt. Via een ingewikkeld irrigatiesysteem loopt het grondwater uit de omgeving via de bodem in het meer en wordt tijdens dat proces automatisch gezuiverd. Schoner water krijg je niet, volgens de deskundige.

Aan de rand van een de andere meren hebben ze een gigantische speeltuintoestand met allerlei picknick -en barbecueplekken aangelegd. Bovendien waren ze op het meer aan het waterskiën, zwemmen mocht helaas niet. Het was vandaag zondag dus er hadden zich een heleboel mensen verzameld, inclusief de kerstman. In Nederland heb je het als kerstman beter voor elkaar, dat dikke pak met muts, handschoenen, laarzen en een baard is gemaakt voor de winterkou. Hier in Australië loopt de kerstman in hetzelfde tenue terwijl het een graad of vijfentwintig is, en soms nog warmer.

Om de meertjes, zijn allerlei prachtige wandelpaden aangelegd inclusief een aantal “lookouts”. En er was ook nog een soort “wildlife” park. Helemaal gratis, kon je hier wandelen in een prachtige natuurlijke omgeving, inclusief walliby’s, koala’s, zwarte zwanen, vissen, schildpadden, insecten en nog een heleboel andere dieren die we niet gezien hebben. Kortom, een prachtige plek om tijd te spenderen.

De camping waar we staan, ligt precies tussen “Blue Lake”en de andere meertjes. Een toplocatie, we kunnen er zo naar toe wandelen. Verder zijn we hier van alle gemakken voorzien, inclusief zwembad, speeltuin en gamesroom met flipperkast!!!! En het stadje zag er ook erg gezellig uit toen we er doorheen reden. Bovendien zitten we maar 30 kilometer van de zee af, er schijnt een fantastisch snorkel –en duikgebied te zijn. Het zou kunnen zijn dat we hier wat langer blijven dan de gebruikelijke drie dagen.